Ranonkel

Wonen,

Blog 40

Conflicten en het toontje,
hoe staat het dan met professionaliteit?
. . . . . . . . . . . . . . . 29 - 10 - 2018
RANONKEL Wonen BV
In een maatschappij waarin “aanvallen” soms de norm lijkt te zijn geworden wordt niet verdedigd maar volgen vele tegenaanvallen.

In bij begintijd (jaren 70 en 80) kenden wij wanhopige machteloze zorgvragers die gespreken voerden op een toon waarvan je wist dat je moest oppassen om niet in een ruziegesprek verzeild te raken. Tegenwoordig krijg ik steeds meer de indruk dat wij allemaal, zorgvragers en zorgverleners, dit toontje gebruiken. En ja de agressie in de zorg loopt volgens de deskundigen op en de maatregelen worden daarom steeds strenger maar helpt dit eigenlijk wel?
In de literatuur over groepsdynamica en communicatieleer kennen wij de dramadriehoek met het advies om van “slachtoffer” naar “realist” te groeien. Maar ja in de werkelijkheid zijn wij allemaal mensen en gevoelig voor maatschappelijke trends. Hier geen verbeterverhaaltje met de slechte invloeden van sociale media enzovoort. Maar gewoon een eerlijk benoemen van wat ik in mijzelf herken. Deelt u mijn ervaringen, mooi. Deelt u ze niet dan is dit een inkijkje in de ervaringen en gevoelens van anderen die zichzelf keer op keer in situaties vinden waar zij helemaal niet in willen zitten en waar zij eigenlijk ook veel te goed voor zijn. In de discussie benoemen wij meestal “de slachtofferrol en de realist” als reactieve rollen maar deze situaties vinden niet plaats in een vacuüm. Er is iets, iemand die mij zover triggert dat ik als een kip zonder kop mijn stellingen in neem. Voor mij als eigenwijs en koppig mens is dat het “verbetertoontje, hoe is het mogelijk dat je dit niet weet, begrijpt, gehoord hebt, er niets mee gedaan hebt, enz.”.

De afgelopen tijd is zowel privé als zakelijk een moeilijke geweest en ik heb dus veelvuldig keuzen gemaakt die niet zo slim waren in de relatie met anderen. Nee, hier geen openbare boetedoening. Ik ben een normaal mens met gewone gevoelens en reacties die onder zware druk stond, dus absoluut geen schuldgevoelens of bekentenissen. Wat dan wel? Ik wil u vertellen wat ik heb ontdekt in deze periode. Voor mij is de oplossing eigenlijk best wel simpel.

Gewoon de ander volledig laten uitpraten tot hij stil wordt (letterlijk), bevestigen wat ik uit het geheel kan delen en voor de rest al het andere vanuit mijn perspectief vertellen hoe ik ernaar kijk. En mocht de ander dit zien als een uitnodiging om opnieuw in de weerstand te gaan dan is het heel simpel, ik leg alleen uit hoe ik het zie. En mocht dit niet de juiste manier zijn dan wel ik graag mijn mening bijstellen zodra ik begrijp wat ik verkeerd zie en hoe ik dat beter zou behoren/ kunnen zien.

Gaat dit werken? Geen idee maar ik weet wel dat ik mijzelf op die manier een stuk leuker en professioneler ervaar. Zult u vanaf nu in ieder gesprek mijn volwassen professionele zelf tegenkomen? Ik heb er een hard hoofd in, wel zal ik deze nieuwe positie blijven oefenen tot dat het een eerste respons wordt. Vraag ik u hiermee om mij aan te spreken wanneer ik mij vergis? Absoluut niet dat zou mij alleen doen volharden in de oppositionele manier van denken en spreken. Wat wel zou helpen zijn vele ontmoetingen met medestanders zodat wij elkaar gaan trainen in omgangsvormen waarbinnen wij elkaars grenzen en mogelijkheden beschermen en versterken.

Zoals er nu vaak, ook in de zorg, met elkaar omgegaan wordt vindt ik erg onaangenaam en het meest irritante is nog wel dat ik hierin zelf ook mijn aandeel heb. Misschien ga ik hierop in de toekomst terugkomen om u te laten weten hoe deze poging tot echte en inhoudelijke verandering van het verloop van mijn gesprekken verlopen is.

Jolanda de Vries,
Ranonkel Wonen
www.ranonkel-wonen.nl
jolanda@ranonkel-wonen.nl
<